Reactie HHG op het ontwerp bestemmingsplan Meenten & Grienden
Onderstaand de reactie van HHG op ontwerp bestemmingsplan De Grienden en De Meenten.
Almere, 3 maart 2002
Geachte gemeenteraad,
Per brief d.d. 9 april 2000 hebben wij onze verlangens kenbaar gemaakt
ten aanzien van de inhoud van het nieuwe bestemmingsplan De Grienden en
De Meenten en per brief van 25 mei 2001 hebben wij een reactie gegeven
op het voorontwerp bestemmingsplan.
De bij deze ingediende zienswijzen tegen het ontwerp bestemmingsplan De
Grienden en De Meenten liggen grotendeels in lijn met de inhoud van beide
voornoemde brieven.
Het nu voorliggende ontwerp bestemmingsplan De Grienden en De Meenten
geeft ons aanleiding tot de volgende zienswijzen:
Aantasting van het openbaar groen
In onze eerdere brieven hebben wij gepleit voor het handhaven van het
groene karakter van de wijk De Grienden en De Meenten. Het ontwerp bestemmingsplan
doet dat groene karakter echter geweld aan, op de volgende wijze.
De bestemming Verblijfsgebied in het ontwerp maakt verharding mogelijk,
zoals voor parkeerterreinen. Aan het percentage verharding is geen maximum
gesteld, zodat het gehele bestemmingsvlak kan worden verhard. De openbare
ruimte binnen de buurten is in die bestemming opgenomen, inbegrepen het
openbaar groen. Alleen de grote stukken openbaar groen zijn - op de randen
langs entreewegen na - in de bestemming Groenvoorzieningen geregeld, in
welke bestemming niet mag worden verhard.
Het nieuwe bestemmingsplan voorziet aldus in totale verharding van de
openbare ruimte binnen de buurten, inbegrepen alle kleinere groenelementen.
Dit betekent een teruggang in vergelijking met het bestaande bestemmingsplan,
waarin de kleinere groenelementen als groen zijn bestemd of zijn aangeduid
als te handhaven beplanting binnen de bestemming Verblijfsgebied.
Ook het bestemmen van de randen van grote groenelementen, stroken groen
langs entreewegen, als Verblijfsgebied betekent een aantasting van het
groene karakter. In de nota Inspraak en Overleg t.a.v. het bestemmingsplan
De Wierden en De Velden staat, dat bij de entrees van de wijken
het groen zoveel mogelijk binnen de bestemming Groenvoorzieningen
wordt opgenomen om het groene karakter van de wijk bij binnenkomst te
waarborgen. Waarom geldt dat adagium niet voor de wijkentrees binnen
het plangebied Grienden en Meenten?
In de toelichting op het ontwerp, paragraaf Juridische planbeschrijving, staat dat de kleinere op zich zelf staande groeneenheden die belangrijk zijn voor de woonkwaliteit en waar flexibiliteit bij de inrichting van de openbare ruimte minder noodzakelijk is, zijn bestemd voor Groenvoorzieningen. In het ontwerp bestemmingsplan is van die opvatting echter weinig te merken, omdat vrijwel alle kleinere groenelementen binnen de bestemming Verblijfsgebied zijn geregeld.
Het groen in de woonomgeving, hoe klein van omvang soms ook, is van uitermate groot belang voor de woonkwaliteit. Kortom: alle groen is belangrijk voor de woonkwaliteit en dient dan ook te worden bestemd voor Groenvoorzieningen. De Almeerse wethouders worden niet moe om dat keer op keer weer te onderstrepen. Wethouder Smeeman heeft op 26 februari 2002 tijdens de door onze vereniging belegde politieke avond toegezegd de bestemming Verblijfsgebied nog eens tegen het licht te zullen houden.
Waarom flexibiliteit bij de inrichting van de openbare ruimte zo noodzakelijk
zou zijn, en boven rechtszekerheid voor de burger zou moeten worden gesteld,
vermogen wij niet in te zien. Het bestemmingsplan De Grienden en De Meenten
zou - zoals alle in de inhaalslag begrepen bestemmingsplannen - volgens
de gemeentelijke aankondiging van dat plan in het Groene Weekblad dienen
ter vastlegging van de toen ontstane situatie en het kunnen inspelen op
door bewoners geuite behoeften.
De gemeente heeft sedertdien parkeerplaatsen aangelegd binnen het plangebied
op gronden met een groenbestemming. De gemeente handelde aldus in strijd
met het bestemmingsplan. De vereniging heeft tegen deze praktijk geen
protest willen aantekenen, omdat het hier kennelijk ging om het honoreren
van wensen die door de buurtbewoners gezamenlijk waren geuit. Ter zake
is door Stedelijk Beheer grondig overleg gevoerd met de bewoners en waar
dat fysiek mogelijk was en tussen bewoners consensus bestond, heeft de
gemeente de verlangde parkeerplaatsen gerealiseerd.
Gezien de doelstelling, dat het nieuwe bestemmingsplan de in de loop der
tijd ontstane situatie zou regelen en zou inspelen op gebleken behoeften
vanuit de bewoners, had het voor de hand gelegen als de nieuwe parkeerplaatsen
binnen de bestemming Verblijfsgebied zouden zijn geregeld, waarmee zij
meteen waren gelegaliseerd, terwijl het resterend groen zou zijn bestemd
voor Groenvoorzieningen, conform de werkelijke situatie.
In het nieuwe bestemmingsplan komt echter de mogelijkheid voor van verdere
aanleg van parkeerplaatsen op gronden met in het bestaande plan een groenbestemming.
Op die gronden is in het ontwerp de bestemming Verblijfsgebied gelegd,
hetgeen verharding voor parkeerplaatsen mogelijk maakt. Aan deze bestemmingswijziging
liggen naar we mogen aannemen geen wensen van bewoners ten grondslag.
Enige motivatie voor deze ingreep ontbreekt.
Wij verzoeken u om de bestemmingsgrenzen zoals die in het bestaande bestemmingsplan zijn aangebracht tussen de bestemmingen Groendoeleinden en Verblijfsgebied over te nemen in het voorontwerp, zodat aanvullende verharding voor parkeren niet mogelijk is binnen het bestaande groen. Mocht in de toekomst vanuit de bewoners de wens kenbaar gemaakt worden tot verdere aanleg van parkeerplaatsen in het groen, dan kan voor de situaties in kwestie een planprocedure worden gevolgd.
De vereniging protesteert - samenvattend - tegen het mogelijk maken van vrijwel algehele verharding van de openbare ruimte binnen de buurten en pleit voor het wederom opnemen van de kleinere groenelementen in de groenbestemming of als te handhaven beplanting binnen de bestemming Verblijfsgebied - conform het vigerend bestemmingsplan.
Mogelijke verbreding van wegen
De bestemming Verblijfsgebied is in het ontwerp ook gelegd op de stroken groen langs de Weg door de Meenten en langs een deel van de Oosterdreef. Deze wegen zouden aldus kunnen worden verbreed ten koste van het openbaar groen langs deze wegen. In de toelichting op het bestemmingsplan komt deze mogelijkheid tot verbreding echter niet voor; een motivatie ontbreekt. In het bestaande bestemmingsplan zijn de stroken beplanting langs de wegen in de groenbestemming opgenomen.
Wij pleiten er voor om de stroken groen langs de wegen in het plangebied wederom onder te brengen in de groenbestemming in plaats van die stroken te bestemmen tot Verblijfsgebied.
Graag worden wij in de gelegenheid gesteld om onze zienswijzen nader toe te lichten.
Hoogachtend,
Drs G.J.M. Slokkers, bestuurslid






