Reactie HHG op gemeentelijk voorstel werkprocedure verblijfsgebieden.
Aan Gemeente Almere
t.a.v. de directeur van de
Dienst Stedelijk Beheer
Mw drs. G.T.C.M. Dekkers
Postbus 200
1300 AE Almere
Almere, 1 september 2002
Betreft: DSB/2002/1352, uw brief d.d. 27.08.2002
Geachte mevrouw,
Hartelijk dank voor uw toezending van de concept werkprocedure bij het
invullen van verblijfsgebieden.
De bestemming Verblijfsgebied is geïntroduceerd in het
kader van de inhaalslag bestemmingsplannen en is bedoeld om desgewenst
groen te kunnen verharden. Inmiddels zijn in Almere Haven (en elders)
vele honderden m² openbaar groen binnen die bestemming ondergebracht.
In al die gevallen betrof de oorspronkelijke bestemming Groendoeleinden.
Tegen deze bestemmingswijziging zijn tal van zienswijzen ingebracht. Zienswijzen
die, op een enkele uitzondering na, niet zijn gehonoreerd, met een verwijzing
naar de in voorbereiding zijnde werkprocedure verblijfsgebied.
Momenteel loopt een procedure bij GS van Flevoland.
In uw probleemstelling stelt u, dat de oorspronkelijke bestemming Groendoeleinden
in de praktijk tot problemen leidde. Een stelling, die wij bestrijden.
De plannen voor groot onderhoud in Haven bijvoorbeeld zijn, voor zover
ons bekend, alle uitgevoerd zonder dat daarvoor procedures tot vrijstelling
van het bestemmingsplan zijn gevoerd. Een uitzondering hierop vormde het
project tot plaatsing van ondergrondse vuilcontainers in het groen. Voor
dat project is wel een vrijstellingsprocedure gevoerd, welke procedure
tot welgeteld één zienswijze heeft geleid (in Almere Buiten).
Het resultaat van de groot onderhoud operaties in Haven is dan ook een
explosieve toename van het aantal m² verharding, met name voor additionele
parkeerplaatsen.
U stelt, dat altijd een beroepsmogelijkheid voor belanghebbenden
blijft gegarandeerd, in het kader van de Algemene wet bestuursrecht
en de Inspraakverordening. Ons inziens stelt die beroepsmogelijkheid echter
niet veel voor. Belanghebbenden kunnen alleen de gang van zaken bij het
volgen van een procedure aanvechten, dus de mate van zorgvuldigheid die
in acht is genomen. Tegen verharding van een groengebied - dat de bestemming
Verblijfsgebied heeft - als zodanig is geen beroep mogelijk,
want de bestemming voorziet in mogelijke verharding.
Dat betekent een essentieel verschil ten opzichte van de oorspronkelijke
situatie, waarin het groen een beschermde status heeft, zij het dat de
gemeente binnen dat groen parkeerplaatsen heeft aangelegd zonder vrijstellingsprocedures
daartoe te hebben gevoerd.
De voorgestelde criteria voor werkwijze beschrijven de voorgenomen
gang van zaken indien het voornemen of de wens bestaat om de inrichting
van een verblijfsgebied te wijzigen van groen naar grijs,
dus verharding.
Hierbij wordt verschil gemaakt tussen gebruiksveranderingen die al dan
niet sterk ingrijpen.
In het ene geval wordt een zware, in het andere een lichte procedure gevolgd.
In de voorgestelde werkwijze maakt de ambtelijke dienst uit, in welke
gevallen de ene, dan wel de andere procedure wordt bewandeld. De dienst
maakt immers uit, wanneer een voorgenomen of gewenste wijziging voldoende
ingrijpend is om de zware procedure te rechtvaardigen.
Ook voor het verdere verloop van de procedures geldt, dat het de ambtelijke
dienst is, die alles bepaalt. Wie belanghebbende is en wie niet. Hoe de
uitslag van de peiling of die van de enquete wordt
geduid. De verwerking van de uitkomsten van een consultatie, een peiling
of een enquete en het formuleren van daaraan te verbinden conclusies is
aan de ambtelijke dienst voorbehouden. De wethouder wordt er bij gehaald,
als de dienst er niet uit komt.
De bewoner moet maar afwachten, of hij/zij wel als belanghebbende
wordt beschouwd, welke procedure gevolgd wordt en wat er met zijn of haar
inbreng in die procedure gebeurt.
Besluit de ambtelijke dienst, dat een bepaald groengebied verhard kan
worden, omdat de uitslag van de peiling c.q. de enquete
zo dient te worden geduid, dan kan de bewoner niet meer dan lijdzaam toezien,
hoe het groengebied plaatsmaakt voor weer een parkeerstrook of vuilcontainer.
De wettelijke beroepsmogelijkheden zijn beperkt tot het aanvechten van
de zorgvuldigheid die in de - vastgestelde- procedure is gevolgd. Daarmee
zal de verharding als zodanig niet zijn tegen te houden en dat kan wel
als de bestemming die van Groenvoorzieningen is en voor beoogde
verharding een vrijstellingsprocedure wordt bewandeld. In dat geval, zijnde
de oorspronkelijke situatie, biedt de WRO de mogelijkheid tot het indienen
van zienswijzen en garandeert daarmee rechtszekerheid voor de burger.
Ook dan kan verharding alsnog het resultaat zijn van de besluitvorming,
maar in dat geval is althans een procedure gevolgd, waarin in eerste instantie
B&W een rol spelen in de afweging en in tweede instantie GS. In de
nu voorgestelde werkwijze zijn het alleen de ambtenaren, die het voor
het zeggen hebben, met de wethouder om knopen door te hakken, als de dienst
haar die knoop aanbiedt.
Eerder hebben wij de voorgestelde regeling ten aanzien van het betrekken van de bewoners bij eventuele herinrichting van verblijfsgebieden gekenmerkt als een doekje voor het bloeden. Die karakterisering lijkt nog steeds juist.
Wij vertrouwen er op, dat u deze reactie ter kennis brengt van de leden van de Raadscommissie Stedelijk Beheer, en wel nog voor de vergadering van 4 september 2002. Om dat - gezien de tijd - mogelijk te maken, sturen we u de inhoud ook per e mail toe.
Met vriendelijke groet,
Drs. G.J.M. Slokkers, bestuurslid
NB. Houdt Haven Groen is geen comité, maar een Belangenvereniging.






