Reactie voorontwerp Bestemmingsplan Centrum Almere Haven.


Aan het college van Burgemeester en Wethouders
van de gemeente Almere
Postbus 200
1300 AE Almere

Almere Haven, 13 februari 2004

Geacht College,

Graag maken wij gebruik van de door U gegeven gelegenheid om te reageren op het voorontwerp Bestemmingsplan Centrum Almere Haven.

Inleiding:

  • 1.1 In de beschrijving van het plangebied komen onjuistheden voor zoals: “Het hart van de Kerkgracht is de grens van het plangebied”. Dit moet de oever van de Kerkgracht zijn.
  • 1.2 Als aanleiding voor de Ontwikkelingsvisie Revitalisering Almere Haven wordt de achteruitgang van het draagvlak door vergrijzing genoemd. Dit vermeend verband is in werkelijkheid niet aanwezig: de draagkracht van het grijze deel van de samenleving is door de commercie dan ook ontdekt. Nu de gemeente nog.
  • 1.3 Het nieuwe bestemmingsplan vormt het toetsingskader voor bouwprojecten en gebruiksveranderingen. Het voorontwerp bestemmingsplan is als toetsingskader echter onvoldoende. Ons inziens ontbreekt een Beeldkwaliteitplan.

Beleidskader:

Het bestemmingsplan Centrum Almere Haven was ooit beoogd te zijn het eerste
bestemmingsplan in de reeks waar de Ontwikkelingsvisie Revitalisering Almere Haven de grondslag van is. Immers, de revitalisering was op de eerste plaats bedoeld om het Centrum te kunnen uitbreiden met nog een supermarkt, met als locatie de zuidelijke pool. Om die gewenste uitbreiding van het winkelareaal voldoende draagvlak te kunnen bieden (dat werd althans zo voorgesteld), dienden 1.000 woningen aan de woningvoorraad in Haven te worden toegevoegd. Met een vergroting van de vraag naar winkelvloeroppervlak - door een toename van het aantal woningen en dientengevolge van het aantal inwoners - kon het aanbod navenant worden vergroot. Dit was de redenering die als onderlegger diende voor de Ontwikkelingsvisie en de daaruit voortvloeiende woningbouwplannen.
Eerst zou er dus een bestemmingsplan komen voor het Centrum en vervolgens zouden bestemmingsplannen voor woningbouw het licht zien, met als oogmerk het aanleveren van het beoogde extra economisch draagvlak en ook het genereren van gelden (uit grondopbrengst), waarmee de revitalisering van het Centrum zou kunnen worden gefinancierd.
Het is allemaal wat anders gelopen. Als eerste van de voorgestelde reeks werd het ontwikkelingsplan (voor woningbouw in de) Kustzone en de Oostrand opgesteld en in procedure gebracht. Nog vóór een bestemmingsplan voor het Centrum dus.
In het voorontwerp stadium is dat plan kennelijk gestrand, want we horen er niets meer van. Op de kaart van het eind januari 2004 ten doop gehouden Integraal Ontwikkelings Plan Almere, ontwikkeld in samenspel tussen gemeente, provincie en Rijk, komt de van het Voorontwerp Bestemmingsplan Kustzone en Oostrand deel uitmakende buitendijkse bebouwing niet meer voor. In het Voorontwerp Bestemmingsplan Centrum Almere Haven ontbreekt een verwijzing naar dit Integraal Ontwikkelings Plan.

Onze mening over het ontwikkelingsplan Centrum Zuid Almere Haven - juni 2002 - en het voorontwerp bestemmingsplan Kustzone en Oostrand Almere Haven - april 2002 - is bekend, wij hebben in de gehele procedure waar mogelijk reacties en alternatieven ingediend.

In paragraaf 2.4.2 wordt het gemeentelijk beleid ten aanzien van het wonen genoemd. Kernthema’s daarvan zijn:
  • Vergroten van de zeggenschap van burgers over hun woonomgeving,
  • Het scheppen van kansen voor mensen in kwetsbare posities,
  • Het verbeteren van de stedelijke kwaliteit en
  • Het faciliteren van groene woonwensen.
In schril contrast met deze kernthema’s staat de inhoud van dit bestemmingsplan:
  • Het regelen van het openbaar domein in de bestemming Verblijfsgebied zorgt er voor, dat de bewoners afhankelijk zijn van de wijze waarop de gemeente de Samenspraakregeling toepast. De gemeente bepaalt wie belanghebbend bewoner is, welke procedure van samenspraak wordt bewandeld en hoe de uitkomst van die procedure wordt geduid. Voor de in januari 2004 door de gemeente georganiseerde informatiebijeenkomst over de voorgenomen gedeeltelijke (verdere) demping van de gracht waren als uitvloeisel van de Samenspraakregeling alleen de bewoners van het betreffende deel van de gracht uitgenodigd. Dit terwijl de gracht een van de belangrijkste structuurelementen vormt van Haven en daarom voor alle Havenaren van eminent belang is.
  • Bewoners van Haven hebben in de afgelopen paar jaar aan den lijve gevoeld wat een kwetsbare positie is, hoe men daarin kan belanden. We doelen hierbij op de bewoners en ondernemers van de Meerstraat en Houtstraat, die geconfronteerd werden met de dreigende sloop van hun huurwoningen en bedrijfsruimten. Het voorontwerp bestemmingsplan legt op de locatie van hun woningen en bedrijfsruimten de bestemmingen Verblijfsgebied en Gemengde Doeleinden.
  • De mogelijkheden die het voorontwerp bestemmingsplan biedt om het blok aan de Meerstraat en Houtstraat te vervangen door onder meer een parkeerterrein, om de groene ruimte rond en inclusief de muziektent te bebouwen met een dominant bouwvolume en om de gracht op twee plaatsen (verder) te dempen kunnen wij niet zien als verbeteringen van de stedelijke kwaliteit.
  • De bewoners van Haven staan bekend als liefhebbers van een groene woonomgeving. Deze wensen worden bepaald niet gefaciliteerd door het toepassen van de bestemming Verblijfsgebied en door het wegbestemmen van de groene oase met muziektent. In dit verband vragen wij ons af wie en/of wat uitmaakt of een boom ‘van grote waarde’ (par. 3.1.3) is. Naar onze mening wordt deze waarde bepaald door het oog van de aanschouwer. In dit geval dus de gebruiker van de publieke ruimte. Het in Almere nog steeds niet voorhanden zijnde instrument van de Kapverordening is bij uitstek geschikt om tot een waardering van het bomenbestand te kunnen komen.


Nieuwe Ontwikkelingen:

Het ontwikkelingsplan Centrum-Zuid wordt in verkorte vorm weergegeven terwijl de motivering van dit plan in dit Voorontwerp Bestemmingsplan inzichtelijk had moeten worden gemaakt. Dit zou de burger in staat hebben gesteld adequaat te reageren op dit planonderdeel.

Het voorontwerp is allesbehalve conserverend op de volgende punten:

  • Herstructurering van het gebied aan de Meerstraat en Houtstraat. Goedkope huurwoningen worden gesloopt en vervangen door parkeerplaatsen. De kleinschalige, harmonisch in Haven passende, bebouwingsstructuur wordt vervangen door een parkachtig genoemde aanleg, die eerder past in een verre buitenwijk dan in een binnenstedelijk weefsel. De parkeergarage aan de Westerdreef is gesloopt, terwijl het gemeentelijk parkeerbeleid is gericht op het weghalen, waar mogelijk, van geparkeerde auto’s van het maaiveld. Slopen van een parkeergarage en het verplaatsen van de daardoor vervallen parkeercapaciteit naar het maaiveld (Meerstraat) staat haaks op het eigen gemeentelijk beleid in deze. Onze vereniging heeft de gemeente eerder een alternatief aangereikt voor verbetering van dit gebied, in welk voorstel het blok woningen en bedrijven en de parkeergarage konden blijven staan.
  • De Kerkgracht kan op twee plaatsen worden gedempt. Na de eerdere demping van de gracht ter hoogte van de Markt, in de plantoelichting ten onrechte aangemerkt als brede brug, blijft er aldus weinig van de gracht als structurerend element over. Onze vereniging heeft, zoals we gewend zijn, een alternatief aangereikt, waarbij de gewenste verplaatsing van de hoofdingang van de kerk naar de gracht toe kan worden gerealiseerd, maar waarbij tevens het karakteristieke beeld van de gracht behouden kan blijven. De gemeente stelt zich evenwel op het standpunt dat in deze hoek van Haven een stedelijk plein moet worden gecreëerd, mede om een ‘relatie met het park’ tot stand te brengen. Een relatie die nota bene door het islamitisch centrum en de snackbar aan de Schoolstraat wordt geblokkeerd. Onze vereniging zal het plan om de gracht verder te dempen en te vervangen door wezenloze pleinruimten aanvechten, daarbij ons alternatief in bredere kring presenterend. Onder 3.4.2 wordt het Waterplan opgevoerd dat aangeeft dat het vanuit het oogpunt van waterkwaliteit belangrijk is om een stroming in de Kerk- en Marktgracht te realiseren. Wij trekken hieruit de conclusie dat dempingen, met of zonder duiker, uit den boze zijn omdat ook het Waterschap heeft aangegeven dat de waterkwaliteit aandacht behoeft.
  • De groene plek met muziektent wordt wegbestemd en vervangen door een bestemming die een fors bouwvolume toelaat. De pleinvormige ruimte verdwijnt. Het beoogde nieuwe blok wordt een blikvanger aan het eind van het beoogde nieuwe parkeerterrein aan de Meerstraat. Onze vereniging heeft eerder een ontwerp gelanceerd en aan de gemeente aangeboden om deze pleinruimte af te ronden met kleinschalige bebouwing met een gemengd karakter. De pleinruimte zou dan als zodanig kunnen blijven bestaan, maar omzoomd met in het beeld passende bebouwing. Dit idee is door de gemeente niet overgenomen. De vereniging pleit er voor om, zolang er geen aanvaardbare oplossing is, de huidige situatie te laten voortbestaan. Deze groene ruimte werkt als een oase, als een welkom rustpunt. Het gebruik van de muziektent kan een goede bijdrage leveren aan een verscheidenheid van evenementen en evenzovele koopzaterdagen en -zondagen.

Juridische Planbeschrijving:

Het plan heeft volgens de toelichting enerzijds een gedetailleerd en anderzijds een meer globaal karakter. ‘Gedetailleerd waar het moet en globaal waar het kan.’ De plankaart laat inderdaad een ruim gebruik zien van de bestemming Verblijfsgebied. Hierdoor is verharding ten koste van de spaarzame groenelementen zonder meer mogelijk.
De gemeente kan daardoor vrijelijk haar gang gaan bij de (her)inrichting van dit Verblijfsgebied, maar de burger weet nooit wat er in de openbare ruimte zal gaan gebeuren. Hier heeft de burger dan ook onvoldoende rechtszekerheid. De nagestreefde flexibiliteit pakt alleen gunstig uit voor de gemeente, die binnen de aldus bestemde gebieden vrij spel heeft. De ingestelde Samenspraak regeling is tot dusver nog niet overtuigend succesvol. Dit blijkt uit de recente ervaringen in De Gouwen, waar het openbaar gebied grotendeels in diezelfde bestemming is geregeld en welk gebied momenteel wordt heringericht. Hier trachten bewoners via politieke druk en de publiciteit nog enige inbreng te realiseren.
De vereniging pleit voor een gedetailleerde bestemming van het openbaar gebied teneinde de groene elementen de nodige bescherming te bieden.

Economische en Maatschappelijke uitvoerbaarheid:

De relatie tussen ontwikkeling van het centrum en woningbouw en de financiering van de centrumontwikkeling uit de grondverkoop voor woningbouw is, nu het voorontwerp bestemmingsplan Centrum er ligt, niet langer inzichtelijk.
Overigens is een herinrichting van de openbare ruimte in het centrumgebied uitgevoerd zonder dat er (al) van nieuwe gerealiseerde woningbouw sprake was. Wij nemen althans aan dat die herinrichting niet is gedekt uit de opbrengst van de bouw van het blok woningen aan de Brink. Ook de gedeeltelijke demping van de gracht is los daarvan bekostigd. De in de Ontwikkelingsvisie gepresenteerde relatie tussen de nieuwe woningbouw en de financiering van de ontwikkeling van het centrum is in de praktijk niet aanwezig. Kennelijk is die woningbouw helemaal niet nodig om die ontwikkeling te financieren. Het had de gemeente gesierd om op dit punt duidelijkheid te bieden in de plantoelichting, in plaats van in te gaan op rijksnota’s die er al lang niet meer toe doen. De economische paragraaf is wel erg summier. Er wordt gesteld dat het bestemmingsplan een vooral conserverend plan is, waarbinnen uitbreiding, vervangende nieuwbouw en gebruiksveranderingen door marktpartijen kunnen worden geïnitieerd en gefinancierd. Hier ontbreekt een beschrijving van de voorgenomen financiering van projecten die voor marktpartijen niet interessant blijken, maar die wel noodzakelijk zijn. Men hoeft hier alleen maar te denken aan de deplorabele staat waar de Kerkstraat al veel te lang in verkeert.
De in deze paragraaf opgenomen passage over planschade ex artikel 49 WRO is suggestief. Belanghebbenden hebben op grond van artikel 49 het recht om een planschadeclaim in te dienen. Het gaat niet aan dat de gemeente zelf ‘concludeert’ dat dit plan ‘geen aanleiding geeft tot enig risico daartoe’. Dat risico op eventuele planschadeclaims dient door de betrokken bewoners en gebruikers van het gebied te worden bepaald en niet door de gemeente.

De vereniging is van mening dat alle inwoners van Haven betrokken horen te worden bij alle voorgenomen veranderingen in het Centrum. Het Centrum is van ons allemaal.

Hoogachtend,

C. Hoekendijk, secretaris
G.J.M. Slokkers, bestuurslid

naar boven