Notitie t.a.v. Samenspraak
Over inspraak gesproken:
open brief aan de raadsleden.
In oktober 2002 schreef Houdt Haven Groen een reactie op de nota
Samenspraak vindt weerklank
Het viel ons op dat in deze nota onder meer stond dat een spelopvatting
waarbij bewoners mondige spelers in hun woon-en leefomgeving zijn geworden
gemeengoed behoort te zijn.
Wij vonden dat móói maar tekenden wel aan dat deze (stemgerechtigde)
bewoners behalve belanghebbende ook mede-opdrachtgever zijn en dat men
zich dus zou behoren af te vragen of deze belanghebbenden zich met het
door het bestuur voorgestelde samenspraak-model kunnen verenigen. Wij
hadden er wat moeite mee en ons grootste probleem met de nota Samenspraak
was dat de mogelijkheid dat de sterkste spelers de spelregels zouden bepalen
(nog steeds) niet was uitgesloten.
In december 2002 heeft de gemeenteraad de Leidraad Samenspraak
vastgesteld en het duurde tot 2005 voordat de rekenkamer concludeerde
dat de leidraad qua aard een uitvoeringsinstrument was dat onvoldoende
geborgd was in de organisatie. Sinds februari 2006 geldt dat bij ingrepen
in de woon- of leefomgeving van inwoners deze burgers te allen tijde in
de gelegenheid worden gesteld om invloed uit te oefenen op de plannen
(Samenspraak), tenzij er onvoldoende beleidsruimte is of er zwaarwegende
redenen zijn om van Samenspraak af te zien. En leg dat maar es uit aan
je Britse bovenbuurman. Je kunt hem vertellen dat de sterkste spelers
de spelregels bepalen en dat alleen dronken Lowietje weet wat precies
de woon- of leefomgeving van welke burger is. En dan is hij very amused;
wij waren en zijn het niet.
Nu gaat het erom de formele invloed van bewoners op veranderingen in hun
leefomgeving zodanig te structureren dat iedereen (omwonenden, raad, bestuur
en ambtelijke staf) snapt wie wat wanneer waarover te berde kan brengen
bij de voorbereiding en de beslissingsprocedures over die veranderingen.
Wij gaan er uiteraard vanuit dat met de formele invloed van bewoners
wordt bedoeld: de invloed van bewoners zoals vastgelegd wet en
regelgeving.
Het zou o.i. goed zijn en juridisering voorkomen als tegelijkertijd vastgesteld
zou worden wanneer alle inwoners en wanneer alleen omwonenden aan bod
zijn. Want een park, een kerkhof of een speeltuin gaan natuurlijk niet
slechts de omwonenden aan.
Het gaat hier dus niet alleen over duidelijk vaststellen wat in deze de
bevoegdheden van het college, welke de bevoegdheden van de raad en wat
de mogelijkheden c.q. rechten van de inwoners zijn. Het gaat ook over
duidelijk vaststellen van welk item bij de buurt hoort, welk bij de wijk,
welk bij het stadsdeel en welk bij de hele stad.
En het is wel zo rustig als de burger met al die vaststellingen tevreden instemt.
10-01-2008






